Wie is verantwoordelijk voor naleving van PGS 37-1?

In de eerste plaats wie het energieopslagsysteem exploiteert. Daarnaast hebben werkgever, installatieverantwoordelijke, leverancier, installateur en controleur elk een eigen rol.

De verantwoordelijkheid ligt in de eerste plaats bij wie het energieopslagsysteem (EOS) exploiteert. IPLO spreekt over "het exploiteren van een EOS", en volgens het voorgenomen wijzigingsbesluit wordt dat exploiteren boven 20 kWh een activiteit met meldplicht. Wie het systeem in bedrijf heeft, is dus het aanspreekpunt voor gemeente, veiligheidsregio en verzekeraar. Daarnaast noemt PGS 37-1 taken voor meerdere rollen. De indeling hieronder is onze eigen samenvatting: de richtlijn wijst niet bij elke maatregel uitdrukkelijk een partij aan.

De rollen in en rond de richtlijn

  • Exploitant: zorgt dat het EOS voldoet aan wat bevoegd gezag en verzekeraar eisen, houdt het registratiesysteem en logboek bij (M44) en bewaart de documenten tot de definitieve ontmanteling (M45).
  • Werkgever: moet op grond van de Arbowet een RI&E maken waarin het EOS is meegenomen, en zorgen dat personeel minimaal Vakbekwaam Persoon volgens NEN 3140 is (M46) en is geïnstrueerd over de gevaren van lithium en het noodplan (M47).
  • Installatieverantwoordelijke (IV'er): ontvangt de alarmen, moet op afstand kunnen ingrijpen en afschakelen (M33, M34) en is verantwoordelijk voor het beproeven van het noodplan, minimaal elke drie jaar (M65).
  • Leverancier of producent: levert traceerbare energiedragers (M3), een procedure voor beschadigde energiedragers (M4) en een actuele handleiding met contactgegevens (M40). Bij hergebruikte energiedragers moet de producentenverantwoordelijkheid juridisch goed zijn geregeld.
  • Installateur: legt het systeem aan volgens het ontwerp. PGS 37-1 vraagt een ingebruiknamekeuring, geborgd via een kwaliteitsmanagementsysteem (M31), maar legt niet vast wie die keuring uitvoert. Verzekeraars willen volgens het Verbond van Verzekeraars alleen gecertificeerde installateurs en inspecteurs.
  • Controleur en inspectie-instelling: de jaarlijkse periodieke controle (M42) is voor "een persoon met kennis van het betreffende EOS"; een blussysteem wordt jaarlijks beoordeeld door een inspectie-instelling met accreditatie ISO/IEC 17020 type A (M57). Zie wie mag inspecteren.

De overheid

Het bevoegd gezag kan de richtlijn opleggen en keurt onder meer het uitgangspuntendocument voor een blussysteem goed (M58). De veiligheidsregio adviseert, en de Arbeidsinspectie houdt toezicht op de arbeidsveiligheid. Zie rol van het bevoegd gezag.

Melden

Interpolis adviseert agrariërs bij een systeem vanaf 100 kWh de vergunningverlener (gemeente of provincie), de netbeheerder, de verzekeraar en de brandweer te informeren. Avéro Achmea en Allianz vragen het EOS tijdig aan verzekeraar respectievelijk brandweer te melden. Hoe het zit als het pand wordt gehuurd, leest u bij huurder of verhuurder.

Verwante onderwerpen