Het batterijmanagementsysteem (BMS) is volgens PGS 37-1 een "onlosmakelijk" onderdeel van het energieopslagsysteem (EOS). Bijlage A van de richtlijn omschrijft het als "een elektronisch apparaat dat de elektrische en thermische functies van de batterij regelt of beheert". Daarboven staat het energiemanagementsysteem (EMS), dat het totale systeem aanstuurt, uitleest en bewaakt, inclusief BMS, omvormers, koeling en elektrische infrastructuur.
Waarom het BMS zo belangrijk is
Een deel van de scenario's in PGS 37-1 heeft te maken met hoe de cellen worden gebruikt, zoals fouten in het laadproces (S5) en een te hoge of lage temperatuur in het EOS (S10). Een van de doelen van PGS 37-1 is daarom "beheersing van het laadproces (overladen en diep ontladen)" (D9). Andere doelen zijn bescherming tegen overspanningspieken (D6) en afschakelen of veiligstellen bij een storing (D7).
Ingebouwde beveiligingen (M2)
Het EOS heeft beveiliging tegen overstroom, kortsluiting, overtemperatuur en overspanning, en een drukontlasting. Wie voldoet aan IEC 62933-5-2 (het systeem als geheel) en NEN-EN-IEC 62619 (de energiedragers), voldoet aan deze eisen. Worden verschillende soorten energiedragers gekoppeld, dan is een passende omvormer nodig (M7). De klimaatbeheersing houdt de temperatuur binnen de fabrieksspecificatie en voorkomt condens (M8).
Bewaken en afschakelen
- Monitoring (M33): continu op alarmen, overladen, diep ontladen, temperatuur en gasvorming. Valt de verbinding weg, dan krijgt de installatieverantwoordelijke binnen 5 minuten een alarm.
- Preventief afschakelen (M34): de installatieverantwoordelijke moet op afstand kunnen ingrijpen, zo dicht mogelijk bij de energiedrager. BMS en EMS mogen die ingreep niet terugdraaien. Reageert niemand tijdig, dan schakelt het systeem zelf af. Bij te hoge temperatuur moeten BMS en EMS de energiedragers elektrisch kunnen ontkoppelen. Een afgeschakeld EOS mag pas weer aan als ter plekke is vastgesteld dat het veilig is.
- Afschakelen bij detectie (M35): bij rook, brand of explosie schakelen de AC- en DC-kringen automatisch af.
- Noodstop (M36): als de risicoanalyse dat vraagt, is er een noodstop die alleen ter plaatse kan worden opgeheven.
Hergebruikte batterijen
Hergebruikte ('second-use') energiedragers worden als vergelijkbaar met nieuwe beschouwd, mits de producentenverantwoordelijkheid juridisch goed geregeld is en de cellen binnen de fabrieksparameters blijven, met het originele of een vergelijkbaar BMS.
In de praktijk
Vraag uw leverancier welke beveiligingen het BMS heeft, hoe alarmen worden doorgemeld en wie op afstand kan afschakelen. Leg dat vast in het noodplan en het logboek (zie documentatie en logboek). Hoe een thermal runaway ontstaat, leest u bij thermal runaway. PGS 37-1 is (stand oktober 2026) niet wettelijk aangewezen; zie PGS 37-1 verplicht?.